Kwekersrecht

Voor de toepassing van de innovatiebox worden kwekersrechten aangemerkt als octrooirechten.

Het kwekersrecht is een eigen aan de bedrijfstak, land- en tuinbouw (de kwekers), die zich richt op veredelen en vermeerderen van plantaardig materiaal. Het kwekersrecht is het exclusieve recht om zaad en vermeerderingsmateriaal te verhandelen, van een zelf ontwikkeld plantenras. Het is een intellectueel eigendom. Ook kan degene die het kwekersrecht bezit, licenties uitgeven aan derden voor verhandeling. Overigens mogen rassen met kwekersrecht wel gebruikt worden voor kruisingen, hetzelfde ras ontwikkelen mag niet.

Onder plantenveredeling valt enerzijds het kweken van nieuwe rassen en anderzijds de bestudering van de grondslagen waarop het kweken berust en van de middelen waardoor het kweken wordt bevorderd. Dergelijke processen zijn vaak erg kostbaar en langdurig. Plantenveredelingsbedrijven kunnen hun gewassen beschermen via het kwekersrecht, een nieuw ras wordt hierdoor beschermd. Nederland is wereldwijd de grootste exporteur van plantaardig materiaal.

Fiscaal
Het kwekersrecht is geregeld in de Zaaizaad/en plantgoedwet 2005. In deze wet wordt bepaald dat het kwekersrecht kan worden verleend voor rassen van alle tot het plantenrijk behorende gewassen, zolang deze rassen nieuw, onderscheidbaar, homogeen en bestendig zijn. Dit kwekersrecht komt uitsluitend toe aan de kweker die het ras heeft gekweekt, ontwikkeld of ontdekt.

De innovatiebox kan toegepast worden als er wordt voldaan aan de “belangrijke mate eis”. De “belangrijke mate eis” houdt in dat minimaal 30% van het voordeel  (de totale winst) toe moet  te rekenen zijn aan het octrooi/kwekersrecht.